|
A = aanvaller
V = verdediger
V op naar voren gerichte aanvallen.
Kunnen reageren op zowel links als rechts.
1)
A: wil kleding of keel vastpakken (links bv.)
V: links vastpakken - hand breken door polsgewricht te buigen en in te draaien - gelijktijdig rechts naar achteren stappen en druk uitoefenen op ellebooggewricht.
2)
A: directe stoot links of rechts
V: stoot opvangen met blokkering met gekruiste handen, gelijktijdig achteruit stappen. Vervolgens hand van A optillen en draaien, in geval van een rechter stoot van A met de klok mee. Vervolgens met de voet in de knieholte van A drukken.
3)
A: directe stoot links of rechts
V: achteruit stappen, front kick naar de schenen of de knie, gevolgd door stoot naar de strot.
4)
A: directe stoot links of rechts
V: achteruit stappen met wering meskant hand, vervolgens instappen met de hand onder de kin van A en met de voet achter de knie van A een werpbeweging maken vanuit de heup en afmaken.
5)
A: wil met 2 handen kleding vastpakken.
V: achteruit stappen, dubbele wering met meskant hand met beide armen op borsthoogte om greep af te weren. Pak achterkant hoofd vast en trek het hoofd naar beneden, gevolgd door kniestoot.
6)
A: wil met 2 handen kleding vastpakken.
V: achteruit stappen, dubbele wering met meskant hand met beide armen op borsthoogte om greep af te weren. Plaats de linkerhand op het achterhoofd en de rechterhand onder de kin en draai het hoofd naar links en de kin naar rechts. Eventueel bijstappen en afmaken met vuist of foot pressing.
7)
A: voorste been front kick naar kruis of knie.
V: achteruit stappen en met beide handen trap opvangen en overnemen met front kick.
8)
A: voorste been front kick.
V: als 7, maar nu overnemen met ronddraaiende hak.
9)
A: stormt naar voren met hoofd naar beneden en wil armen om middel V heenslaan.
V: rechts achteruit stappen en maak met linker elleboog stoot naar beneden.
Verdediging op mesaanval.
10)
A: stoot met links naar maag of borst.
V: skiveert (meegaande beweging) en vangt stekende hand met beide handen op door het polsgewricht beet te pakken. Draai de pols van binnenuit naar buiten en afmaken.
11)
A: stoot met rechts naar maag of borst.
V: stap uit naar links en weer de steek af met links. Slag meskant met rechts op de pols van A, zodat A het mes loslaat. Pak met beide handen het polsgewricht vast en draai de pols van binnenuit naar buiten en verder afmaken.
12)
A: stoot met rechts naar maag of borst.
V: stap uit naar links en weer de steek af met links. Slag meskant met rechts op de pols van A, zodat A het mes loslaat. Neem over met rechterstoot of stop kick. Afmaken
Reageren op aanvallen van opzij.
13)
A: A en V lopen naast elkaar, A pakt met rechter hand de schouder van V vast. A kan ook alleen duwen.
V: pak met rechter hand de rechter hand van A. Til op en stap links achteruit, draai de hand en het polsgewricht in en oefen druk uit op het elleboog gewricht van A. Afmaken.
14)
A: A en V lopen naast elkaar, A pakt met rechter hand de schouder van V vast. A kan ook alleen duwen.
V: reageer met zijwaartse trap naar de knie, scheenbeen of enkel.
Reactie op aanval van achteren.
15)
A: slaat beide armen om de keel van V.
V: drukt heupen naar buiten en reageert met slag meskant hand naar kruis, gevolgd door een elleboogstoot en kopstoot. Eventueel nog met stamp-kick op de wreef.
16)
A: slaat beide armen om de schouders van V.
V: zak met snelle beweging door de knieen en til gelijktijdig de ellebogen op. Neem over met elleboogstoot gevolgd door kopstoot. Eventueel gevolgd door stamp-kick op wreef.
17)
A: slaat beide armen om de middel van V.
V: trek een makkelijk bereikbare vinger van V in de breekpositie, pak de loslatende hand met beide handen vast, stap uit en draai de pols met de klok mee, zodat A wordt meegesleurd.
18)
A: achtervolgt V of duwt V van achteren.
V: reageer met back kick of een spinning back fist.
|